Tien vaardigheden voor de medewerker van de toekomst

Tien vaardigheden voor de medewerker van de toekomst

Wereldwijde connectiviteit, slimme machines en nieuwe media. Wat betekent dat voor de medewerker van de – nabije – toekomst? De volgende tien vaardigheden gaan cruciaal zijn voor het succes van het personeelsbestand.

1 Zingeving: het vermogen om de diepere betekenis te duiden van wat er wordt uitgedrukt

Naarmate slimme machines het routinematige productie- en dienstverlenende werk overnemen, zal er een toenemende vraag zijn naar het soort vaardigheden waar machines niet goed in zijn. Dit zijn denkvaardigheden op een hoger niveau die niet kunnen worden geprogrammeerd. Noem het zingevende vaardigheden, vaardigheden die ons helpen unieke inzichten te creëren die cruciaal zijn voor het nemen van beslissingen. Toen IBM’s supercomputer, Deep Blue, schaakgrootmeester Gary Kasparov versloeg, beschouwden velen dit als een teken van zijn superieure denkvaardigheid. Maar Deep Blue had gewonnen met brute rekenkracht, zijn vermogen om miljoenen mogelijke bewegingen per seconde te evalueren, niet door menselijke intelligentie toe te passen. Een computer kan misschien een mens verslaan in een schaakspel of bij Jeopardy door pure inzet van zijn rekenkracht, maar als je hem vraagt of hij ‘pool’ wil spelen, kan hij niet zeggen of je het over zwemmen hebt, financiële portefeuilles of biljart. Kritisch denken is een vaardigheid waar medewerkers van vlees en bloed steeds meer van moeten profiteren.

2 Sociale intelligentie: het vermogen om op een diepe en directe manier verbinding te maken met anderen

Hoewel we tegenwoordig vroege prototypes van ‘sociale’ en ’emotionele’ robots in verschillende onderzoekslaboratoria zien, is het scala aan sociale vaardigheden en emoties dat ze kunnen vertonen zeer beperkt. Gevoel is minstens zo ingewikkeld als zingeving, en de zogenaamd emotionele en sociale robots die we bouwen zijn simpelweg geen gevoelmachines. De gemiddelde mens kan snel de emoties van de mensen om zich heen inschatten en zijn woorden, toon en gebaren daarop aanpassen. Een sleutelvaardigheid om te kunnen samenwerken en vertrouwensrelaties op te bouwen, een vaardigheid die machines nu niet hebben en waarschijnlijk nooit gaan krijgen.

3 Adaptief denken: het bedenken van oplossingen en antwoorden die verder gaan dan wat de regels zeggen

Professor David Autor van het Massachusetts Institute of Technology heeft de polarisatie van banen in de Verenigde Staten de afgelopen drie decennia gevolgd. Hij constateert dat de kansen op werk bij middelmatig geschoolden afnemen, grotendeels als gevolg van een combinatie van de automatisering van routinewerk en wereldwijde offshoring. Werk bij hooggeschoolden en laaggeschoolden – denk aan banen in de horeca en persoonlijke verzorging – nemen juist toe. Wat deze twee categorieën gemeen hebben, is dat ze situationeel aanpassingsvermogen vereisen: het vermogen om te reageren op unieke onverwachte omstandigheden van het moment. Taken als het schrijven van een overtuigend juridisch argument, of het creëren van een nieuw gerecht met vaste ingrediënten, vereisen beide een bepaald denk- en aanpassingsvermogen.

4 Cross-culturele competentie: het vermogen om te opereren in verschillende culturele omgevingen

Als er werkelijk sprake is van een wereldwijde verbondenheid, vraagt dat van ons een bepaalde taalvaardigheid, maar ook aanpassingsvermogen aan veranderende omstandigheden en het vermogen om nieuwe contexten aan te voelen en erop te reageren. Interculturele competentie zal een belangrijke vaardigheid worden voor alle werknemers, niet alleen voor degenen die in verschillende geografische omgevingen moeten opereren. Organisaties zien diversiteit steeds meer als een motor van innovatie. Onderzoek leert ons nu dat wat een groep echt intelligent en innovatief maakt, de combinatie is van verschillende leeftijden, vaardigheden, disciplines en werk- en denkstijlen die de individuen meebrengen. Diversiteit wordt daarom de komende tien jaar een kerncompetentie voor organisaties.

5 Computationeel denkvermogen: het vermogen om op data gebaseerd redeneren te begrijpen

Aangezien de hoeveelheid data die we tot onze beschikking hebben exponentieel toeneemt, gaan steeds meer rollen een computationeel denkvermogen vereisen. Het gebruik van simulaties zal een belangrijke expertise worden, aangezien ze regelmatig in een rol gaan spelen in besluitvorming. HR-managers, die momenteel waarde hechten aan sollicitanten die bekend zijn met basistoepassingen zoals de Microsoft Office-suite, zullen hun verwachtingen verschuiven, op zoek naar cv’s die statistische analyse en kwantitatief redeneren bevatten. Naast het ontwikkelen van computationele denkvaardigheden, zullen werknemers zich bewust moeten zijn van de beperkingen ervan. Dit vereist een begrip dat modellen zo goed zijn als de gegevens die ze voeden – zelfs de beste modellen zijn benaderingen van de werkelijkheid en niet de werkelijkheid zelf. En ten tweede moeten werknemers in staat blijven te handelen zonder dat er gegevens beschikbaar zijn en niet verlamd raken bij het ontbreken van een algoritme voor elk systeem om de besluitvorming te sturen.

6 Nieuwe-media-geletterdheid: het vermogen om moderne content te creëren

De explosie van user-generated media, waaronder video’s, blogs, vlogs en podcasts die nu ons sociale leven domineren, zal ook de werkplek binnendringen. Communicatietools die breken met de statische benadering van programma’s zoals PowerPoint zullen gemeengoed worden. Daarmee stijgen ook de verwachtingen van werknemers om dergelijke inhoud te produceren. De volgende generatie werknemers zal moeiteloos moeten weten te werken met deze nieuwe media-uitingen.

7 Transdisciplinariteit: het vermogen om concepten te begrijpen over meerdere disciplines heen

Veel van de huidige mondiale problemen zijn gewoon te complex om door één gespecialiseerde discipline te worden opgelost (denk aan opwarming van de aarde of overbevolking). Deze veelzijdige problemen vragen om een transdisciplinaire benadering. Terwijl in de 20e eeuw steeds grotere specialisatie werd aangemoedigd, zal de volgende eeuw transdisciplinaire oplossingen centraal stellen. We zien dit al in de opkomst van nieuwe studiegebieden, zoals nanotechnologie, waarin moleculaire biologie, biochemie, eiwitchemie en andere specialiteiten worden gecombineerd. Deze verschuiving heeft grote gevolgen voor de vaardigheden die kenniswerkers naar organisaties moeten brengen. Volgens Howard Rheingold, een vooraanstaand voorspeller en auteur, ‘gaat transdisciplinariteit verder dan het samenbrengen van onderzoekers uit verschillende disciplines om in multidisciplinaire teams te werken. Het betekent het opleiden van onderzoekers die talen van meerdere disciplines kunnen spreken – biologen die verstand hebben van wiskunde, wiskundigen die biologie begrijpen.’ De ideale werker van het volgende decennium is ‘T-vormig’ – ze brengen een diep begrip van ten minste één vakgebied, maar hebben het vermogen om in de taal van een breder scala aan disciplines te converseren. Dit vereist een gevoel van nieuwsgierigheid en de bereidheid om te blijven leren tot ver na de jaren van formeel onderwijs. Aangezien een langere levensduur meerdere carrières en blootstelling aan meer industrieën en disciplines bevordert, zal het voor werknemers bijzonder belangrijk zijn om deze T-vormige kwaliteit te ontwikkelen.

8 Ontwerpmindset: het vermogen om taken en werkprocessen te ontwikkelen met een bepaalde output voor ogen

De sensoren, communicatiemiddelen en verwerkingskracht van de computationele wereld zullen nieuwe kansen met zich meebrengen om ons werk op een meer ontwerpende manier te benaderen. We gaan onze omgeving zo plannen dat het de gewenste resultaten zal stimuleren. Zoals Fred Gage, een neurobioloog die omgevingen voor neurogenese (het creëren van nieuwe neuronen) bestudeert en ontwerpt, stelt: ‘Verander de omgeving, verander de hersenen, verander het gedrag’. Een recent onderzoek wees uit dat de hoogte van het plafond van invloed is op de aard van het denken van de deelnemers aan het onderzoek. Zij werden gevraagd om hun huidige lichaamstoestand of gevoel te beoordelen. Degenen die zich in de kamer met hogere plafonds bevonden, reageerden met woorden als ‘onbeperkt’ of ‘open’. Degenen in de kamer met het lagere plafond hadden neigden naar woorden die verband hielden met opsluiting. Deze invloed op de stemming werd direct overgedragen op mentale processen; degenen in de groep met hoge plafonds waren effectiever in relationeel denken, het creëren van verbanden en het vrij herinneren van feiten. Werknemers van de toekomst zullen bedreven moeten worden in het zodanig aanpassen van hun werkomgeving dat ze hun taken beter kunnen uitvoeren.

9 Cognitieve laadbeheer: het vermogen om informatie te filteren op belangrijkheid, en om te begrijpen hoe het cognitief functioneren kan worden gemaximaliseerd met behulp van een verscheidenheid aan tools en technieken

Een wereld die rijk is aan informatiestromen in verschillende formaten en vanaf meerdere apparaten, brengt cognitieve overbelasting met zich mee. Die enorme toestroom van gegevens kunnen alleen in je voordeel werken als je effectief kunt filteren en je kunt concentreren op dat wat belangrijk is. De volgende generatie werknemers zal hun eigen technieken moeten ontwikkelen om dit probleem van cognitieve overbelasting aan te pakken. De praktijk van sociaal filteren – rangschikken, taggen, metadata toevoegen – helpt de kwaliteit van de informatie te verhogen.

10 Virtuele samenwerking: het vermogen om productief te werken en betrokkenheid te zijn als lid van een virtueel team

Virtuele werkomgevingen maken het gemakkelijker dan ooit om ondanks fysieke scheiding samen te werken, ideeën te delen en productief te zijn. Maar het vraagt ook om nieuwe competenties. We leren dat technieken die zijn ontleend aan gaming buitengewoon effectief zijn bij het aangaan van grote virtuele gemeenschappen. Door ervoor te zorgen dat samenwerkingsplatforms typische gamefuncties bevatten, zoals onmiddellijke feedback, duidelijke doelstellingen en een geënsceneerde reeks uitdagingen, kan deelname en motivatie aanzienlijk worden gestimuleerd. Maar er kan ook een isolement ontstaan door het gebrek aan een sociale werkplek. Een gemeenschap die ‘ambient sociability’ biedt, kan helpen dat isolement te overwinnen. Dit kan door middel van een fysieke samenwerkingsruimte zijn, maar het kan ook virtueel zijn. Onderzoekers van het Virtual Human Interaction Lab van Stanford die de sociale voordelen onderzoeken van het bewonen van virtuele werelden zoals Second Life, melden dat de collectieve ervaring van een virtuele omgeving, vooral één met 3D-avatars, aanzienlijke sociaal-emotionele voordelen oplevert. Spelers ervaren de anderen als werkelijk aanwezig en beschikbaar, maar kunnen zich tegelijkertijd concentreren op hun eigen werk.

Nieuwsgierig?

In onze volgende blog kijken we naar wat de gevolgen zijn van al deze veranderingen. Maar dat levenslang leren cruciaal is, is een ding dat zeker is. Wil je ook continu leren op de agenda zetten maar kun je daar wel wat hulp bij gebruiken? Wij helpen je graag kennisontwikkeling een nog strategischer rol te geven. Neem vrijblijvend contact met ons op.